September 2018: Weekje Veluwe

September. Normaal begint het paddestoelenseizoen dan goed op gang te komen. Na de ‘horror’-zomer die achter ons ligt, is dat echter allemaal anders. De paar regenbuien die eind augustus vielen, gaven de burger moed en een weekje vakantie op de Veluwe leek precies goed gepland.

De aanhoudende droogte had er echter flink ingehakt, zeker in de hoger gelegen delen van ons land. Kon je in het westen op een middagje struinen nog wel een paar aardige exemplaren tegenkomen, hier viel het allemaal bar tegen: mooie zwammen waren maar mondjesmaat te vinden. Op het vakantiepark, waar we verbleven, had ik aan het begin van de week een groepje Geschubde Inktzwammen zien staan, nog redelijk vers. Toen ik een paar dagen later besloot eens te gaan kijken of daar fotografisch iets mee te beginnen was, was ik eigenlijk al te laat. De meeste exemplaren waren al in verregaande staat van hun ontwikkeling; jongere exemplaren waren plat gereden door een onoplettende automobilist.

< Voor een grotere en beduidend betere weergave loont het de moeite een foto even aan te klikken! Wil je alle foto’s uit dit blog in groot formaat bekijken, maak dan gebruik van de beeldencarrousel aan het eind van dit blogbericht>

Wanneer je het ijzer niet smeedt als het heet is, dan moet je roeien met de riemen die je hebt. Ik probeerde er het beste van te maken en richtte me eerst op één van de nog redelijk gave zwammen. Nog duidelijk was te zien waaraan deze zwammensoort het eerste deel van zijn naam ontleent. Zijn oudere broertje op de achtergrond probeerde ik natuurlijk ook mee te nemen in de compositie.

Geschubde Inktzwam
01 Geschubde Inktzwam

Een klein beetje naar links draaiend kreeg ik het door het gebladerte vallende zonlicht in beeld. Een cadeautje in de achtergrond.

Geschubde Inktzwam
02 Geschubde Inktzwam

Een derde exemplaar stond te zweten als een otter: een paddo met guttatiedruppels is altijd een leuke waarneming…

Geschubde Inktzwam
03 Geschubde Inktzwam

Nog even naar het duo van de eerste twee foto’s. Iets meer afstand genomen om ze beide van top tot teen in beeld te krijgen. Aan die enorm lange steel te zien, waren ze echt uit de grond geschoten.

Geschubde Inktzwam
04 Geschubde Inktzwam

Hetzelfde principe hanteerde ik bij een groepje dat ik in eerste instantie negeerde. Ze waren al zover heen dat het mooie er echt wel vanaf was, maar op deze manier leverde het toch wel een leuke, ietwat spookachtige compositie op.

Geschubde Inktzwam
05 Geschubde Inktzwam

Nadat ik hiermee uitgespeeld was, liep ik nog wat rond in de directe omgeving van ons vakantiehuisje. Een open plek met veel mos kreeg mijn speciale aandacht, allereerst omdat daar wat kleine Mycena’s tussen stonden, maar ook de sporenkapsels zijn altijd leuk.

Sporenkapsels
06 Sporenkapsels

Zo, meer dan genoeg aandacht voor het mos, dat is er tenslotte het hele jaar door. Nu snel weer verder met die andere sporenplanten, de paddestoelen. Een Mycena-soort. Daar zijn er vele van, in Nederland alleen al zo’n 85. Dit zou zomaar een Kleefsteelmycena kunnen zijn…

Mycena tussen mos
07 Mycena tussen mos

Twee paddestoelen is altijd leuker dan één, hoewel je de tweede hier wel goed moet zoeken.

Mycena tussen mos
08 Mycena tussen mos

Er stonden er echter genoeg, het zoeken was naar een mooi plaatje. Bij de volgende vond ik dat wel aardig gelukt.

Mycena tussen mos
09 Mycena tussen mos

Als de omstandigheden een beertje mee willen werken, kan je je op een paar vierkante meter bijna eindeloos vermaken. Ik weet niet meer of dit nou dezelfde Mycena is als de vorige, maar het sfeertje is – o.a. door de achtergrond – totaal anders.

Mycena tussen mos
10 Mycena tussen mos

Niet alleen maar paddestoelen in dit blog, want als er ineens een Goudvink ten tonele verschijnt, gaan alle alarmbellen af. Ik had er wel vaker één gezien, maar meestal in het voorjaar als er nog amper blad aan de bomen zit. Nu was dat totaal anders: hier zat er eentje te snoepen van een rode bes. Hij zag er een beetje verfomfaaid uit. Het leek of-ie net een bad had genomen.

Goudvink
11 Goudvink

Op een andere dag maakten we een wandeling in de bossen bij Beekbergen en zagen daar toch wat meer paddestoelen. Vele waren echter gehavend of verdroogd en als er dan eentje wel gaaf bijstond dan stond-ie wel weer op de verkeerde plek. Deze – vermoedelijke Panteramaniet – leverde samen met een soortgenoot wel een aardig plaatje op.

Onbekende zwam
12 Onbekende zwam (Panteramaniet?)

Hoe groter de paddestoel, hoe moeilijker het is om er een mooi plaatje van te maken. Je moet meer afstand nemen tot je onderwerp en de achtergrond mag niet te dichtbij staan. Omdat ik vandaag op stap was met mijn eveneens fotograferende dochter Ilse en nog wat ander niet-fotograferend gezelschap, liet ik de kleintjes al gauw links liggen: dat zou teveel tijd kosten. De grotere waren sowieso – vooral voor het gezelschap – leuker om te zien. De Panteramanieten waren vandaag opvallend goed vertegenwoordigd. Een jonkie is altijd leuk.

Panteramaniet
13 Panteramaniet

Van de volgende zwam ben ik niet zeker. Ik zet er dan ook geen naam onder. Mocht iemand een suggestie hebben, dan hoor ik het graag.

Onbekende zwam
14 Onbekende zwam

Het volgende setje was eenvoudig: niet één, maar zelfs twee Panteramanieten. Prachtige exemplaren op een grote open plek in het bos.

Panteramaniet
15 Panteramaniet

Nog sterker: het waren er zelfs drie. De derde zat verscholen achter één van de twee andere, maar vanuit een iets andere hoek komt hij er ook bij. Een beetje rommel vlak voor de lens zorgde voor een wazig sfeertje.

Panteramaniet
16 Panteramaniet

Tot slot een Solo-optreden van één van de drie Panters.

Panteramaniet
17 Panteramaniet

De laatste paddestoel van dit blog is niet moeders mooiste. Het was een flink uit de kluiten gewassen exemplaar Eekhoorntjesbrood.

 Eekhoorntjesbrood(?)
18 Eekhoorntjesbrood(?)

Het hoofddoel van deze wandeling was voor dochterlief en ondergetekende het vinden van een adder. Ik weet uit eigen ervaring dat ze hier rond een stukje heide te vinden moeten zijn. Net op het moment dat dochterlief vroeg “waar blijven nou die adders”, stonden we oog in oog met een kleine slang. Midden op het pad. Ik dacht eerst van doen te hebben met een jonge adder (want die verlaten rond deze tijd het nest), maar dat bleek achteraf een vergissing. Het bleek een Hazelworm te zijn, geen slang, maar een pootloze hagedis. Ook leuk want die had ik nog niet eerder zo duidelijk gespot. Ik stortte me er gelijk met de macrolens op.

Hazelworm
19 Hazelworm

Het beestje was echter nogal beweeglijk en het was met een macrolens eigenlijk niet te doen. De betere foto’s kwamen dan ook van dochters EM5II met het 40-150mm F2.8Pro objectief.

Hazelworm
20 Hazelworm

Hij was niet op zijn gemak en probeerde een veilig heenkomen te zoeken. Op weg daarnaartoe kroop hij bij vergissing bijna in mijn telezoom die langs de kant van het pad op de grond lag.

Hazelworm
21 Hazelworm

Hij stak nog even gauw zijn tong naar ons uit om kort daarna te verdwijnen tussen het hoge gras. Toch een leuke ontmoeting, de adders komen vast een andere keer wel.

Hiermee ben ik aan het eind van dit Veluwe-bericht gekomen. Iedereen weer dank voor het lezen en kijken. Tot een volgend blog.

<Voor wie alle foto’s van dit blog nogmaals in groot formaat wil zien, is hier de beeldencarrousel: klik op een willekeurige cirkel om deze te starten en blader vervolgens met pijltjestoetsen of muisklikken door de foto’s>