Pyreneeën 2019-1: vlinders

In de zeven jaren dat ik nu inmiddels blogjes de wereld in stuur, is het voor het eerst dat ik een weekje heb moeten verzaken. Te druk met vakantie vieren, fietsen, fotograferen, oppassen, klussen en allerlei andere dingen waar een pensionado zich zoal mee bezig dient te houden. Ik zal proberen de draad weer op te pakken…

Net terug van een weekje nazomeren in de Provence bleek er nog een aantal goed gevulde mappen op de harde schijf te staan van de vorige Franse vakantie (in juni van dit jaar) in de Pyreneeën. Daar moest hoognodig nog in geselecteerd en aan bewerkt worden. Er bleef uiteindelijk meer dan genoeg materiaal over om drie blogjes mee te vullen.

We verbleven in een gebied waar we al twee keer eerder waren geweest, steeds in september. Voor de verandering leek het mij wel leuk om er nu eens in de vroege zomer naartoe te gaan, in de hoop mooie vogelsoorten voor de lens te krijgen.
Helaas viel dát nogal tegen. Het waren vooral vlinders die steeds voor mijn lens sprongen en dan met name diverse soorten Parelmoervlinders. Omdat het determineren daarvan nogal een crime is (voor mij), bewaar ik die voor een later blog. In dit eerste deel komen – in alfabetische volgorde – de andere vlinders aan de orde, in totaal 15 verschillende soorten…

Voor een kwalitatief betere weergave loont het de moeite de foto’s even aan te klikken!

Een Bont Zandoogje opent het bal. Een bekende soort die ook in Nederland veel voorkomt. Het kan aan mij (instellingen?) liggen, maar deze lijkt wat meer oranje dan de exemplaren die ik in Nederland tot nu toe gezien heb.

Bont Zandoogje
01 Bont Zandoogje

Over oranje gesproken… dát is – naast zwart – de hoofdkleur van een klein, opvallend vlindertje dat ik geregeld zag vliegen, maar nog nooit eerder had gezien: Boterbloempje bleek zijn naam te zijn. Geen idee waarom.

Boterbloempje
02 Boterbloempje

Nummer 3 is familie van nummer 1: een Bruin Zandoogje deze keer. Komt ook in Nederland veel voor.

Bruin Zandoogje
03 Bruin Zandoogje

De volgende foto is meer een bewijsplaatje. De vlinder staat er niet jofel op en is ook niet lekker scherp, maar het is voor mij – net als #02 – ook weer een nieuwe soort. Het lijkt vrijwel zeker een Gewone Heispanner te zijn, een mannetje. Ook in Nederland is deze soort vrij algemeen voorkomend, vooral in het binnenland.

Gewone Heispanner
04 Gewone Heispanner

Het Groot Koolwitje. Niks bijzonders. Meestal negeer ik ze, want ze zijn mij te wit en zijn zeker bij zonnig weer lastig te kieken. Niet alleen omdat ze wit zijn, ze vliegen ook nogal graag.
Tijdens deze vakantie was het vaak zonnig weer. Op zich lekker om zelf actief buiten bezig te zijn. Ook vlinders doen dat dan graag. Naast het harde licht een extra moeilijkheidsfactor…

Groot Koolwitje
05 Groot Koolwitje

Sommige vlindersoorten zijn in zonlicht minder lastig te fotograferen dan andere. De Koninginnepage is daar een bijvoorbeeld van, maar ook Blauwtjes zijn redelijk te doen.

Als er even een wolkje voor de zon schuift is het natuurlijk toch en stuk mooier.

Icarusblauwtje
08 Icarusblauwtje

Van de twee weken dat we hier waren, was er slechts één ochtend sprake van wat dauwvorming in het dal. Ik heb geprobeerd daar gebruik van te maken, maar veel tijd was er niet. Zodra de zon over de bergen komt, is het snel verdwenen. Wat dat betreft is het najaar een betere keuze. De volgende vlinder heeft nog een paar kleine druppels op zijn vleugels. Het bleek een Kaasjeskruiddikkopje te zijn. Alweer een primeurtje!

Kaasjeskruiddikkopje
09 Kaasjeskruiddikkopje

Ik blijf nog even bij de dikkopjes. Een Kalkgraslanddikkopje dit keer. Niet in het dal, maar op een berg van dik 1000m hoogte. Je raadt het al: weer een primeurtje. Deze soort komt namelijk in Nederland niet (meer) voor, het Kaasjeskruiddikkopje daarentegen is sinds een aantal jaren weer sporadisch in Z-Limburg te vinden.

Kalkgraslanddikkopje
10 Kalkgraslanddikkopje

De Klaverspanner is de volgende. Deze komt in Nederland wél algemeen voor, toch is dit pas het tweede exemplaar dat ik voor de lens krijg.

De Kolibrievlinder kan je bijna niet omheen in deze contreien. In 2015 en 2016 zag ik er echter beduidend meer dan dit jaar. Gelukkig heb je er maar één nodig die even – min of meer – stil wil hangen.

Kolibrievlinder
13 Kolibrievlinder

En dan zijn we nu aan gekomen bij de – in mijn ogen – mooiste vlindersoort van zuidelijk Europa en inmiddels ook van Nederland. Ik zag er hier slechts eentje. In de buurt van Nijmegen zijn ze inmiddels makkelijker te vinden… Ik had hier gehoopt de Koningspage een keer te spotten. Die mist nog in mijn archief.

De Oranje Luzernevlinder komt schaars ook in Nederland voor. Op onze vakantiestek zag ik er dit jaar slechts een enkele, maar dat bleek achteraf te kloppen: ze vliegen namelijk pas goed vanaf eind juli. Bof ik toch nog even…

Oranje Luzernevlinder
16 Oranje Luzernevlinder

Een Oranjetipje (vrouwtje) had ik hier niet verwacht, zeker niet in juni. In Nederland was het dit jaar een topjaar voor deze vlinder. Ik heb ze wel eens mooier gefotografeerd, maar voor de volledigheid krijgt ze toch een plaatsje in dit blog.

Oranjetipje
17 Oranjetipje

Net als drie jaar geleden kreeg ik ook dit jaar weer de prachtige Prachtmot in het vizier. Niet zo mooi als toen, maar toch… zo vaak zie ik ze niet.

Prachtmot
18 Prachtmot

Het staartblauwtje was voor mij in 2016 ook een primeur. Dit jaar zag ik er één die er iets frisser uit zag, nog lichtelijk bedauwd.

Staartblauwtje
19 Staartblauwtje

Tot slot weer een primeurtje: het Tweekleurig Hooibeestje. Ik had er nog nooit van gehoord, laat staan van gezien. Komt in Nederland dan ook niet meer voor sinds 1988. Zonde, want mooi zijn ze wél!

Tweekleurig Hooibeestje
20 Tweekleurig Hooibeestje

Voor wie alle foto’s in betere kwaliteit wil zien, is hier tot slot de beeldencarrousel.

Tot zover dit overzicht van de andere vlinders. Het was geen onaardige opbrengst met flink wat primeurtjes en/of zeldzaamheden. Ik ga nu eerst mijn best doen om bij de Parelmoervlinders een kloppende naam te vinden. Mocht dat niet lukken of teveel tijd vergen, dan is dat jammer. De foto’s komen sowieso wel langs.
Tot zover een ieder weer dank voor het lezen en kijken. Wie weet tot een volgend blog.