Harz -2: Gefladder

Zoals al aangekondigd in deel 1, gaat in dit tweede Harz-blog alle aandacht uit naar vlinders. Het fotograferen daarvan in het buitenland is altijd spannend, want je hoopt toch altijd weer een mooie soort tegen te komen, bij voorkeur eentje die je in ons koude kikkerlandje niet gauw aan zult treffen. Ik kan meteen wel verklappen dat dat aardig gelukt is.

Voor een kwalitatief betere weergave loont het de moeite de foto’s even aan te klikken!

Tijdens één van de eerste wandelingen liepen we over een weide, een deel van één van de skipistes bij Altenau. Hier zagen we de ene na de andere Metaalvlinder. Ze zaten er voornamelijk op – volgens mij – Adderwortel en zo niet, dan leek het daar sterk op. In de AWD zie ik af en toe wel eens een Metaalvlinder, maar hier had ik ze gewoon voor het uitzoeken.

01 Metaalvlinder
01 Metaalvlinder

De ‘metalic’ kleur van hun vleugels varieerde van blauw tot grijsgroen, verlopend naar bruingrijs aan de achterkant.

02 Metaalvlinder
02 Metaalvlinder

De mannetjes hebben duidelijk grotere, geveerde antennes.

03 Metaalvlinder
03 Metaalvlinder

Zeker van opzij zien ze er een stuk indrukwekkender uit, voor zover dat mogelijk is voor zo’n relatief klein vlindertje.

04 Metaalvlinder
04 Metaalvlinder

De laatste – weer een vrouwtje – zat voor de verandering eens niet op Adderwortel.

05 Metaalvlinder
05 Metaalvlinder

Ook de gewonere soorten kregen mijn aandacht. Het zal te maken hebben met het feit dat ik jarenlang geprobeerd heb met wisselend succes een moestuin te exploiteren, maar de koolwitjes zijn bij mij niet erg populair. Als ze er uitdagend mooi voor gaan zitten, dan ben ik echter best bereid de ontspanknop even in te drukken. Deze keer voor een Klein Koolwitje. Ik ben de beroerdste niet…

06 Klein Koolwitje
06 Klein Koolwitje

Tijdens een andere wandeling zag ik opeens een veel groter witje vliegen. Het was een zonnige dag, zoals de meeste dagen dat we hier verbleven. Dat leverde meestal niet de fraaiste foto’s op, maar als het niet zonnig is dan zie je zeker niks fladderen. Gelukkig ging ook deze even stil zitten op een distel en kon ik afdrukken. Toen ik het plaatje op mijn schermpje zag verschijnen zag ik pas dat ik een primeurtje te pakken had: dit moest haast wel een Groot Geaderd Witje zijn! En dat was het ook!

07 Groot Geaderd Witje
07 Groot Geaderd Witje

Zoals het meestal gaat: als je er eenmaal één gezien heb, zie je ze vaker. We kwamen er op elke wandeling nu steeds wel één of meerdere tegen en steeds kon ik ze dan niet weerstaan.

08 Groot Geaderd Witje
08 Groot Geaderd Witje

Kennelijk waren ze niet erg kieskeurig wat betreft hun nectarleverancier, want ze landden op verschillende bloemsoorten. De namen daarvan wist ik meestal niet (heb er ook niet naar gezocht), maar het was wél leuk voor de variatie.

09 Groot Geaderd Witje
09 Groot Geaderd Witje

Geen primeurtje, maar toch wel een bijzondere soort, was het Boterbloempje. In 2019 had ik die voor het eerst gezien in de Pyreneeën en nu dan ook hier in de Harz. Een opvallend mooi, overwegend oranje vlindertje, maar met de vervelende eigenschap dat het zich graag diep in het gras ophoudt. Helemaal vrij kon ik ze er dan ook niet op krijgen, maar dat was vorig jaar al gelukt. Het is niet anders.


Wat dat betreft werkten de Kleine Vossen beter mee. Gewoon bij iemand in de voortuin, mooi vrij zittend op het Oranje Havikskruid. Misschien dan wel niet zo’n bijzondere soort, maar toch zeker een hele fraaie. Ik mag ze in ieder geval graag zien.

12 Kleine Vos
12 Kleine Vos

Wél weer een bijzondere soort was dit Bont Dikkopje. Hoe de bovenkant van de vleugels er uitziet, kon ik niet zien, maar de onderkant was opvallend en deed een beetje denken aan een parelmoervlinder. In Nederland zijn ze vrij zeldzaam. Hoe het in Duitsland zit, weet ik niet, maar het was voor mij in ieder geval het tweede primeurtje! Bovendien hing deze voor de verandering eens mooi vrij aan een grashalm, niet vol in de zon en tegen een redelijk rustige achtergrond. Het kon beroerder!

13 Bont Dikkopje
13 Bont Dikkopje

De volgende is vermoedelijk geen primeur. Een vrij forse parelmoervlinder, op braamstruiken aan de rand van het bos. Een Bosparelmoervlinder zou voor de hand liggen, maar dat is het vrijwel zeker niet en ook de Braamparelmoervlinder is zeer onwaarschijnlijk. Ondanks dat ze de onderkant van de vleugels niet goed liet zien, zou het – volgens waarneming.nl – om de Grote Parelmoervlinder kunnen gaan. Hij lijkt inderdaad veel op een eerdere foto die ik daarvan in de Elzas heb gemaakt…


Ook een mooie soort was de volgende. Een vrij onopvallend tussen het gras hangende Lindepijlstaart, een knots van een nachtvlinder. Toevallig viel mijn oog er op en dat was best knap van mijn oog, want de schutkleur was bijna perfect. Eenmaal eerder zag ik deze soort, alweer jaren geleden, in eigen tuin op de muur van ons schuurtje.

16 Lindepijlstaart
16 Lindepijlstaart

De volgende is weer een primeurtje: we zagen hem landen in de berm van ons wandelpad, diep tussen het gras. Gelukkig zocht-ie later een iets beter plekje op, waardoor ik hem redelijk goed vrij kon fotograferen. Het was een vrij forse vlinder die sterk deed denken aan de Grote Beer. Het bleek inderdaad familie te zijn. Deze Weegbreebeer – want zo heet ie – komt in Nederland niet of nauwelijks voor. In sommige jaren wordt er wel eens eentje gemeld, meestal op de Pietersberg. In Duitsland daarentegen is-ie verspreid over het hele land wel te vinden. Ik kan het me verbeelden, maar in de tekening op de vleugels zie ik min of meer de vorm van een hakenkruis, een heilig symbool in o.a. het hindoeïsme en boeddhisme, dus dat slaat weer helemaal nergens op…

17 Weegbreebeer
17 Weegbreebeer

Op de laatste wandeling hadden we op de valreep nog een ontmoeting met één van de allermooiste vlinders, mijn favoriete Koninginnepage. De laatste jaren worden we in Nederland steeds meer verwend met deze mooie soort, dus dat we hem hier zagen, was niet verwonderlijk. Hoewel ik er al veel en ook zeker mooiere plaatjes van heb, nam ik deze toch graag nog even mee.

18 Koninginnepage
18 Koninginnepage

Tot slot een zestal foto’s van vlinders in de vlucht. Om de titel van dit blog een beetje te rechtvaardigen. Ik wil niet zeggen dat het een fluitje van een cent is, maar met mijn nieuwste aanwinst is dat beslist goed te doen. Ik heb daar al eerder iets over geschreven en ook van laten zien met een Meikever. Nu waren verschillende Groot Geaderde Witjes (GGW) de door mij uitverkoren modellen..


Ik gebruikte de Olympus E-M1mk3 in combinatie met de niet geheel compatibele PanaLeica 100-400mm lens. Dat betekende dat ik geen gebruik kan maken van de langzamere stand waarbij voor elke opname ge-autofocust wordt. Of dat een nadeel was of niet blijft de vraag. Het was nu één keer scherpstellen (S-AF) op vlinder of bloem en dan de ontspanknop half ingedrukt houden totdat de vlinder wegvloog (of geland was) en dat kon soms best lang duren.


Als het dan gebeurde was het een kwestie van snel de ontspanknop doordrukken en dan maar hopen dat in de voorafgaande 14 beelden de wegvliegende vlinder zich nog in het scherptedieptebereik zou bevinden.

23 GGW in de vlucht
23 GGW in de vlucht

Vaak was dat niet het geval en kon je een hele set opnames direct weggooien, maar soms zat het mee en dan kon je in één zo’n setje (van zo’n 25 opnames) zomaar een stuk of 5 geslaagde foto’s hebben.
Gaandeweg kwam ik erachter dat je niet teveel moest inzoomen, maar vrij veel ruimte rondom je onderwerp moest houden. Dat leverde een beduidend grotere kans op één of meerdere hits op. Nadeel was dat je dan soms behoorlijk moest croppen. Al met al hield ik van de enkele honderden opnames er toch enkele tientallen over die scherp waren en dat zou zonder Pro Capture nooit gelukt zijn.

De laatste en – in mijn ogen – mooiste opname was degene waarbij er plotseling een tweede vlinder in beeld vloog. Of het een poging tot paring was, weet ik niet; vandaag zag ik het niet gebeuren.

24 GGW x2
24 GGW x2

Kortom: ik heb er weer een mooi stukje speelgoed bij en ga daar zeker vaker gebruik van maken. Er zal nog wel flink geoefend moeten worden, maar dat is ook leuk. Over de resultaten tot nu toe ben ik in ieder geval niet ontevreden. Het is een mooie toevoeging aan vlinderfotografie.

Tot zover de vlinders uit de Harz. Geen slechte opbrengst, al zeg ik het zelf.
Een ieder weer dank voor het lezen en kijken. In het derde en laatste deel van deze trilogie komen de vogels en wat overige fauna aan de orde. Tot een volgende keer.

Voor wie alle foto’s in betere kwaliteit wil zien is hier
DE BEELDENCAROUSSEL

Voor wie de foto’s in betere kwaliteit én in een sfeervolle omgeving wil zien, is hier:
DE LICHTBAK